Bruyères (Challenge L’Avenir)

vri 13/04/2018 19.15u * Bruyères (Challenge L’Avenir) * 8,5 km * 00:43:26 * 11,8 * 199/455 * 2/6 * ♥♥♥

Door het virus dat mij meer dan een week in zijn/haar greep hield, heb ik mijn wedstrijdplanning moeten aanpassen. Maar “elk nadeel heb zijn voordeel” en zo ben ik na zes jaar nog eens in Bruyères, in het hart van het Land van Herve. Het mooie parcours is me altijd bijgebleven. Ik herinnerde me vaag dat ik die wedstrijd toen ook na een onderbreking had gekozen. Het verslag van 2012 leert me nog meer. Dat ik toen ook, net als nu, een pijnlijke keelontsteking had verwerkt. Blijkbaar is mijn gestel in de maand maart gevoelig voor aanvallen van het kleine gespuis. Hoe dan ook, de gedwongen pauze heeft een verwoestend effect gehad op mijn benen. De ergste verzuring heb ik er met enkele korte en trage loopjes uitgezuiverd. Maar het blijft gokken hoe het organisme zal reageren in wedstrijdomstandigheden.
“Daar is hij eindelijk” is mijn reactie als ik een minuutje voor de start Roger Dosseray enkele rijen voor me zie. Hij was al opgemerkt door twee ooggetuigen, Nicolas Bynens en Marie-Paule, voor mij bleef hij onvindbaar tijdens de opwarming. Ik heb voor alle zekerheid de laatste kilometer verkend. Een sprint met Roger is nooit uitgesloten. Bruyères 1 Uit de parcoursbeschrijving onthou ik vooral dat er ons enkele lange klimmen en afdalingen te wachten staan. Als welkomstgeschenk krijgen we een afdaling van 800 meter naar de Trou du Chat. Ik ben gestart als een raket. Deze beeldspraak doelt dan vooral op het gevoel. Op filmbeelden van Marie-Paule lijkt het eerder een gezapig galopje. Met mijn felle start hoop ik het gevoel van sufheid dat vanavond over me hangt weg te vegen. En hoop ik in de buurt van Roger te blijven. Van wie ik dan weer de indruk heb dat hij een langzame aanloop neemt. In het gewoel voor me herken ik Béatrice Kevelaer. Ze zal dadelijk afstand nemen. Voorbij het kattengat worden we linksaf gestuurd. Weldra begint de eerste klim. Ik nader op Roger. Boven op de Rue du Château loop ik haast in zijn spoor. Alsof het parcours zo nog niet moeilijk genoeg is, duwt een jonge lopende vader een wandelwagen voort. Onder een plasticzeiltje zitten twee kinderen tegen elkaar aangedrukt. Die vader heeft trouwens nog grotere plannen. Over enkele weken wil hij op die manier een marathon afleggen. Hij bereidt zijn ukjes alvast voor op een tocht van 3u30′. In de afdaling stormt hij mij weer voorbij. Later dwingt de route hem wel tot een rustiger tempo.
Mijn fans die nu verwachten dat ik Roger in de afdaling met een verschroeiende versnelling ga achterlaten, moet ik helaas ontgoochelen. Ik verlies weer alle terrein dat ik daarnet met moeite op de klim heb goedgemaakt. De weg gaat steil naar beneden, de harde klappen op het asfalt pijnigen een onwillige spier in het onderbeen. Na enkele meters op het vlakke worden de benen opnieuw door elkaar geschud op de graszoden van een weide. De boer (?) slaat onze doortocht gade vanachter een houten afsluiting. Na 3,5 km kondigt zich de tweede beklimming aan. 1,8 kilometer met een overloop na twee derden. Ik knabbel wat van mijn achterstand af en blijf Roger op “inhaalbare” afstand houden. Eric Joway geeft er even verder de brui aan. Achteraf zie ik dat hij zijn beste krachten spaart voor de 15km-loop in Glons zaterdag. Ik heb wel zin in een slokje bij de bevoorrading maar durf niet nog meer terrein verliezen en ga dan maar met droge tong door. Op het einde van de helling komen we tussen de huizen, een woonstraat van Grand-Rechain. Hier op het plateau kunnen we even genieten van een vlak stuk, in deze contreien even zeldzaam als water in de woestijn. De asfaltwegen slingeren zich verder tussen de weiden. We lopen van boerderij naar boerderij. Waar het parcours bereikbaar is met de auto troepen fans samen om hun favorieten aan te moedigen. Bruyères 2 De lange hellingen zijn achter de rug, nu worden we over korte maar nijdige bultjes gestuurd. Roger toont geen enkel teken van verzwakking. Ook al loopt hij zonder druk – hij weet immers niet dat ik achter hem volg – blijft hij stevig doorjassen. Ik ben redelijk voorin gestart maar word nu overrompeld door hele trossen opkomende lopers.
Vanaf km 7 gaat het voornamelijk bergafwaarts. Wie nog jus in te benen heeft kan hier nog een versnelling plaatsen. Die zit er voor mij niet in. Het mooie parcours is ongenadig voor wie, zoals ik vandaag, kracht ontbeert in lijf en leden. Roger neemt nog meer voorsprong. Hij is nu zelfs uit mijn gezichtsveld verdwenen. Er snellen mij nog meer lopers vanuit de achtergrond voorbij. Aan km 7,5 steken we de rijweg naar Manaihant over. Dat is een van de dorpjes rond Herve. De naam zegt u waarschijnlijk niets. Maar voor wie zelf eens een rondje wil proberen hier, in plaats van met een borrelnootje en een drankje het verslag te lezen van een ander, in al die dorpjes rond Herve worden loopwedstrijden gehouden. Zeg dus niet dat u het niet weet. Hier staat het bord dat de laatste kilometer aangeeft. Veteraan 3 op rust, Pierre Bruwier, die ik al vroeger langs de weg heb opgemerkt, volgt hier de finale. “Roger is niet ver voor je”, roept hij me toe. Als aanmoediging helpt het me niet vooruit. Mijn enige zorg is het verlies te beperken. Eerst nog even verder naar beneden, dan de laatste helling van 400 meter naar de finish. Jean-Marie Deflandre, die ik daarstraks nog heb achtergelaten, gaat me op de valreep nog voorbij. Dat doet ook de “espoir” Tom Deru, onder luid applaus van de fans langs de weg. Ik hoor het geknars van het wagentje met de kinderen plots weer achter me maar kan de energieke vader Cédric Lemaire nog net voor blijven. 43 minuten: voor de tijd durf ik mezelf het bordje met de drie hartjes tonen, voor het gevoel zit ik onder de helft. Toch te vroeg herbegonnen?
Na de finish zoek ik opnieuw vergeefs naar Roger. Maar die is al gewassen als ik de doucheruimte binnenga. Nicolas Bynens is er ook al, hij is enkele plaatsen voor Roger geëindigd. Zijn voorspelling dat ik hem zou inhalen blijkt te pessimistisch. Roger is verbaasd mij te zien als ik hem feliciteer met zijn prestatie. “Maar goed”, zegt hij, “dat ik geen idee had dat je achter me liep, het zou me alleen maar meer stress hebben opgeleverd”. Hij diept nog een paar Kalenji-handschoenen op uit zijn tas, mijn prijs van Heusy nu al twee maanden geleden. Gratis douche (waar is die niet gratis?), daar pakken ze hiermee uit. Maar ik wil geen kou vatten in een lange rij wachtenden voor ocharme één douchekraan en trek dan maar snel droge kleren aan. Ik verorber een pain-saucisse in de intussen volgestroomde zaal. We wachten lang op de prijsuitreiking maar de organisatoren wachten nog langer en zo druipen we voortijdig af. Vertrek in mineur…

(Foto’s Marie-Paule. Foto 1: Opwarming. Foto 2: De besten hebben al voorsprong genomen op de lange sliert in de eerste afdaling onmiddellijk na de start.)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *