Seraing (Challenge condruzien)

vri 07/09/2018 19u * Seraing (Challenge condruzien) * 9,7 km * 00:49:35 * 11,7 * 94/174 * 1/4 * ♥♥♥♥

Een nieuwe Condruzien-loop op een bekend parcours. Dat is de uitdaging van het weekend, nauwelijks vijf dagen na de halve marathon. Ik heb de voorbije twee trainingen dan ook in spaarmodus afgewerkt. De in Luikse loopmiddens alom bekende en gewaardeerde Michel Mancini heeft een parcours uitgetekend in het bos ten zuiden van Seraing, hoog boven de industriële gordel langs de Maas. Het tracé lijkt op een driehoekige vlieger met een staart. De driehoek die we twee keer afleggen ligt in het bos. De staart is de weg naar de sportaccomodaties in een nieuwbouwwijk. De krul van de staart is de atletiekbaan van Seraing Athlétisme. Michel heeft voor het gemakkelijke parcours geopteerd. Het idee van een duik naar en terug uit de vallei heeft hij laten varen wegens te zwaar en te risicovol. Over een gebrek aan reliëfverschillen mogen de liefhebbers van het genre ook in het gekozen parcours alvast niet klagen. Maar daarover dadelijk meer.

Lees verder →

De grote massa heeft de weg naar Seraing nog niet gevonden. De start om 19u op een vrijdagavond is vooral voor de nog werkende medemens kantje boordje. De harde Condruzien-kern is er wel. De begroeting van de vele bekenden verloopt zoals altijd hartelijk. Eén ontmoeting doet bijzonder plezier. Die met Bert Ernest van Herderen. Seraing 1 Bert dook geregeld op in mijn verslagen… tot voor enkele maanden. Een zwaar ongeval bij werkzaamheden in de tuin maakte een bruusk einde aan de beoefening van zijn hobby. Gelukkig is hij weer aan de beterhand hoewel de weg naar een volledig herstel nog lang is. Dit jaar zal mijn gemeentegenoot niet meer in actie komen, tenminste niet in competitie. Bert trainde sinds enkele maanden met de plaatselijke joggingclub, die onder de naam “Seraing Athlétisme hors stade” door het leven gaat. Hij heeft de “convivialité”, de gezelligheid van de Luikse wedstrijden node gemist. Vandaag komt hij voor het eerst weer de sfeer opsnuiven van de challenge waarvan hij sinds enkele jaren een trouwe gast was.
We krijgen vanavond een luxe-start op het lichtblauwe tartan van de Piste Philippe Wathelet. Ruimte zat en een genot voor pezen en gewrichten. Ik groet Marie-Paule nog even voor we via een smal kronkelig pad het bos opzoeken. Na 800 meter begint de bosweg al op te lopen. Lucien Collard en Rosario Ilardo zijn achter me gestart en groeten nog even in het voorbijgaan. Het stijgt nog steviger op de Avenue de l’Europe, de enige asfaltstrook die op het parcours ligt. 200 meter verhard tot we rechtsaf het “grote” bos worden ingestuurd. Na anderhalve kilometer beginnen we aan de onderste zijde van de gelijkbenige driehoek. (Ik waag me met deze vergelijking op gevaarlijk terrein, mijn meetkundige kennis moet nog lager worden ingeschat dan mijn snelheid in de loopwedstrijden de laatste jaren.) Ik mag dan wel voor de tweede kilometer een halve minuut meer nodig gehad hebben dan voor de eerste, ik ben met een redelijk positief gevoel onderweg en hoop nu maar dat de boswegen er goed beloopbaar bijliggen. Ik merk wel op dat de paden bezaaid zijn met stenen. Dat herinner ik me alvast niet van mijn vorige loop in dit bos, een wedstrijd van de Challenge van de Provincie Luik, ook in dit bos en met dezelfde vertrek- en aankomstplaats. Ik zie Guy Raes en wat verder Noël Heptia nog even voor me. Noël heeft een van zijn betere dagen. Guy eindigt een halve minuut voor me.
We zijn nu begonnen aan de “Drèves de la Vecquée”, naar de naam van de loop, de lange, rechte paden die we dus in driehoeksvorm afleggen. Het parcours gaat vanaf km 2,8 in dalende lijn tot aan een scherpe bocht waar we in de remmen moeten om niet door middelpuntvliedende krachten in het beboste decor te belanden. Veteraan 2, Marcel Baeckelandt, gaat me even na de bocht voorbij. Voor het overige heb ik een mooi tempo vast, die indruk heb ik althans. Op de tweede Drève, die van de “chevreuil”, ree, is het wel goed uitkijken voor stenen en geulen, temeer omdat we nog altijd vrij dicht achter elkaar lopen. Er zit ook een korte kronkel in waar boomwortels op de loer liggen. Seraing 3 In wat nu blijkbaar de Drève du Forestier heet, van de boswachter dus, zit een smalle passage op een soort landbruggetje tussen twee kraters. Hoe het pad ook heet, de naam van de veteraan 3 die me hier voorbijstoomt, ken ik en kennen jullie maar al te goed, Kris Govaerts. Na een nieuwe bocht van 90 graden komen we op de Drève des Airelles, de veenbessendreef – ik beken dat ik het woord ook heb moeten opzoeken. Wat ik wel meteen weet, is dat we opnieuw aan het klimmen zijn. Meer dan een kilometer, met vooral in het begin een fikse stijging van boven de 5%. Dit is de moeilijkste strook van het parcours. Hier blijven alleen de sterksten overeind. Ik hoor er vanavond bij, tenminste in dit deel van het peloton. Een jonge dame in het blauw die me daarnet met veel zwier is voorbijgegaan, valt terug en ook Marcel Baeckelandt, weer met enkele kilootjes te veel, moet lossen. Ik zie Kris Govaerts wel zigzaggen langs tragere lopers en de laatste dames van de 6 km-loop, maar meer dan 15 meter voorsprong neemt hij ook niet. Halverwege de klim kruist een gehaaste fietser de sliert lopers waar ik tussen zit. Hij heeft ook alle reden om gehaast te zijn, in zijn spoor volgt de eerste loper van de korte loop die al op de terugweg is naar de piste.
We beginnen aan de tweede ronde in het bos. De passage op de Chemin du Mont Chéra – tiens, geen dreef – houdt geen geheimen meer in. Ik kan mijn tempo vasthouden en enkele jongere kerels voorlopig achter me houden. Ik loop zelfs in op Kris en kom in de haakse bocht na 6,5 km in zijn spoor. Ik twijfel even of ik nu echt de aanval moet inzetten. De rode doek en de stier, weet je wel. Maar ja, inhouden heeft ook niet veel zin. De Truienaar kijkt toch wel even op als ik naast hem verschijn, ongeveer op de plaats waar hij me in de eerste ronde inhaalde. Maar, zoals verwacht, steekt hij een tandje bij. Ik volg op enkele meters in de “technische” passage tussen de putten. Kris laveert met houterige bewegingen tussen de wortels op het smalle paadje. De loper achter me zal van mij overigens dezelfde indruk hebben. De daaropvolgende klim duurt nu maar half zo lang als daarnet. We worden immers linksaf terug naar de finish gestuurd. Kris neemt nog enkele meters extra. Ik heb nochtans ook nog voldoende kracht in de benen en ben zelfs een zuchtje sneller dan bij de eerste passage. Wat een verschil met vorige zondag. Ik heb het gevoel aan een sprintwedstrijd bezig te zijn, voortdurend op hoog tempo en geconcentreerd in de inspanning.
De terugweg is grotendeels dalend. Op het asfalt van de Avenue de l’Europe schakel ik nog een versnelling hoger maar bij het binnenlopen van de beboste strook naar de atletiekbaan is mij al duidelijk dat mijn tegenstander van de avond niet meer zal verzwakken. Seraing 2 Ik zou wel graag mijn plaatsje vlak achter hem in de uitslag vasthouden. Maar een veteraan 1 steekt daar een stokje voor. En een jonge dame. Op het klimmetje voor het binnenlopen van de atletiekbaan hijst ze zich met wilde armbewegingen maar wel stapvoets naar boven. Zij zal me even verder op het kronkelpaadje met een afsnijmanoeuvre weer voorbijgaan, op de baan weer eens op stappen overgaan maar in de laatste rechte lijn dan toch nog voorbijsnellen. Kris doet nog enkele seconden bovenop mijn achterstand. De teller blijft staan op 18 seconden. Al een vijftigtal meter voor de finish kondigt Michel Mancini me aan als winnaar in mijn categorie. Het goede gevoel wordt wel getemperd door de koele cijfers: niet onder de 5 min per km. Waren het de moeilijke passages in het bos, de hellingen in het parcours… of zit die snelheid gewoon niet mer in mijn spieren?
De prijsuitreiking in de drukke kantine van de “piscine olympique” duurt zijn tijd. Maar ja, er zijn vele prijzen voor vele categorieën. En in de Condruzien geldt de regel dat wie niet lijfelijk aanwezig is geen prijs krijgt. Die is dan voor de volgende in de uitslag die dan weer moet worden opgeroepen in het geroezemoes van het publiek. Gentleman als hij is, roept Michel alle veteranen 4 naar het podium. Dat zijn er maar vier, ieder vindt een plaatsje. De duisternis heeft inmiddels bezit genomen van de groene rand van Seraing. Geflankeerd door twee dames, Marie-Paule en Maja, schuifel ik in het pikkedonker naar de verlichte parkeerruimte. De GPS leidt ons door onbekende wijken en wegen naar de ring van Luik. Van daaruit vindt mijn inmiddels herstelde auto blindelings de weg naar huis.

Foto 1 van Bougez mieux, Bougez plus: Steunbetuigingen voor Bert Ernest na zijn ongeval. Foto 2 van Carine Heyne: Tussen Abdelhadi Dinari en Pierre Darmont tijdens de tweede ronde. Foto 3 van Marie-Paule : Het podium met alle veteranen 4. De derde Christian Michaux staat verscholen achter Mauro Calogero, links, 78 jaar jong. Rechts: Paul Delaitte. Aan de micro: Michel Mancini.)

← Toon minder